Petra
Petra Bevalling 25 jan 2020

Uitdrijvingsfase [de vierde fase van de bevalling]

De bevalling bestaat uit vijf verschillende fases. Je hebt als eerste de latente fase, daarna volgt de actieve fase, dan de overgangsfase, de uitdrijvingsfase en ten slotte de fase van de nageboorte. Benieuwd naar wat je in deze fases te wachten staat? De uitdrijvingsfase is fase 4 van de bevalling en eigenlijk de fase waar het allemaal om draait: het moment waarop je kleine geboren wordt!

Eerst een stapje terug in de vierde fase

Je bent nu al drie fases van de bevalling door. In de voorgaande fases ging je van 0 naar 10 centimeter ontsluiting. Omdat dat een flinke tijd heeft kunnen duren, is de kans groot dat je inmiddels moe bent of uitgeput raakt. Toch moet je in de uitdrijvingsfase, deze vierde fase nogmaals flink aan de bak. Nu je 10 centimeter ontsluiting hebt mag je namelijk gaan persen. Je kindje heeft nu de ruimte om in te dalen in het geboortekanaal. Het zal niet lang meer duren voordat je je kleine buiten de buik kunt bewonderen!

Belangrijkste kenmerk: persweeën

Deze vierde fase van de bevalling is vrij eenvoudig te herkennen. Om je kindje naar buiten te kunnen krijgen heb je namelijk persweeën nodig. Persweeën zijn hele sterke weeën, waarbij je het gevoel krijgt dat je moet drukken of persen. Dat is niet voor niets: door die druk komt je baby uiteindelijk via het geboortekanaal naar buiten. Deze fase kan best frustrerend zijn. In eerste instantie kan het namelijk lijken alsof er geen enkele beweging inzit. Je doet je best, spant je bij iedere wee tot het uiterste in, en toch gebeurt er nog weinig. Het kan zijn dat je bij iedere wee al een stukje van het hoofd van je kindje kunt zien. Maar na de wee verdwijnt dat hoofdje weer, omdat je kindje terug glijdt naar de baarmoeder. Wees gerust: hoewel het lijkt alsof er weinig gebeurt, zit er echt beweging in. Er komt een moment dat het hoofdje ‘staat’. Daarmee wordt bedoeld dat het hoofdje zichtbaar blijft, ook tussen de weeën door. Als je dat moment bereikt hebt, heb je meestal het ergste achter de rug. Al kan ook deze fase nog vervelend zijn. Omdat het hoofdje op de juiste plek blijft, ervaar je continu druk op de baarmoedermond. Dit kan een stekend of branderig gevoel geven.

Niet te snel van start in de vierde fase

We gaven het in het artikel over de derde fase van de bevalling al aan: je kan al persdrang hebben voordat je volledige ontsluiting hebt. Je verloskundige zal je dan vertellen dat je nog niet moet gaan persen, ook al is de drang groot. Door te vroeg te persen kun je namelijk de ontsluiting vertragen, doordat de rand van de baarmoedermond dan vocht gaat vasthouden en opzwelt. Hoe verleidelijk het dan ook is: probeer dus om nog even te wachten met persen. Pas als er sprake is van volledige ontsluiting én je persdrang hebt, is er echt sprake van de vierde fase, de uitdrijvingsfase, van de bevalling. In sommige gevallen vordert het persen niet snel genoeg. Wordt duidelijk dat je kindje lijdt onder de bevalling en duurt het persen langer dan gewenst? Dan kan er in sommige gevallen besloten worden om een spoedkeizersnede te doen.

Tekst gaat verder onder de afbeelding.

pasgeboren baby met mutsje

Een ingewikkelde spildraai

Om in te kunnen dalen, staat je baby nog een ingewikkelde manoeuvre te wachten: de spildraai. Dat is noodzakelijk omdat de mond van de baarmoeder ruimer in de breedte is. En dat terwijl het hoofdje van je baby juist breder is van de achterkant tot voorkant, in plaats van zijkant tot zijkant. Om door de baarmoedermond te passen moet je kindje dus in zijligging liggen, met de kind op de borst. Je kindje moet vaak dus nog draaien. Het wordt alleen nog ingewikkelder. Het hoofdje kan alleen met het achterhoofd eerst onder je schaambeen door. Vervolgens moet het hoofdje weer een kwartslag draaien, zodat het achterhoofd richting je buik ligt. Alleen dan past het namelijk door de bekkenuitgang. Die uitgang in het bekken is namelijk juist ruimer in de lengte. De schoudertjes van je kind moeten hier dwars in het geboortekanaal staan. Deze draai wordt de spildraai genoemd, het meest ingewikkelde deel van de geboorte. Ligt je kindje goed? Dan zal de geboorte verder vrij soepel verlopen. Op deze manier kunnen de schedelbotten in het hoofd van je kindje wat in elkaar schuiven, waardoor het hoofd wat kleiner wordt. Is het hoofdje erdoor? Dan is er nog een kleine spildraai nodig, want het lichaampje moet weer een kwartslag draaien om naar buiten te komen.

Kers op de taart

Wat deze vierde fase van de bevalling bijzonder maakt mag nu wel duidelijk zijn: het is de fase waarin je kindje ter wereld komt! Het is een sluitstuk van een pittige periode, waarin je van 0 centimeter ontsluiting naar 10 centimeter bent gegaan en daarna ook nog eens moest persen. Sommige vrouwen hebben er bij de geboorte een paar dagen hard werken op zitten! Ook als je een vrij snelle bevalling hebt gehad zal je tijd nodig hebben om te herstellen. Het is een ingrijpende gebeurtenis. Die gelukkig niet voor niet is geweest, want als het goed is heb je nu eindelijk je kindje in je armen kunnen sluiten!

Doet je kindje het goed?

Om te checken of je kindje de bevalling goed heeft doorstaan, krijgt je kleine al direct na de geboorte een eerste test voor de kiezen. Met behulp van de APGAR-test wordt gekeken hoe je kindje eraan toe is. Ademt je kleine goed, is hij of zij alert en is de kleur van de huid goed? Naar deze en meer zaken wordt direct gekeken, omdat er in geval van nood snel actie ondernomen moet worden. Als de bevalling vrij lang geduurd heeft kan het zijn dat je kindje, net als jij, eerst even op adem moet komen. Daarom wordt de test twee keer uitgevoerd. Scoort je kindje op de eerste test minder, maar op de tweede test goed? Dan is het ook in orde. Waarschijnlijk is dat dan het moment waarop je je kleine op de borst krijgt, zodat je je kindje eindelijk in het echt kan bewonderen!

Meer lezen? Lees meer over:

Reageer op artikel:
Uitdrijvingsfase [de vierde fase van de bevalling]
Sluiten