Petra
Petra Opvoeding 4 mei 2019

De peuterpuberteit [Nee, nee, nee!]

Wanneer het precies gaat gebeuren weet je nooit, maar de kans dat het gaat gebeuren is groot: je lieve, schattige peutertje dat altijd naar je luistert, verandert opeens in een kind dat niet meer doet wat je zegt en van wie het lievelingswoordje ‘Nee!’ is. Oftewel: de peuterpuberteit is aangebroken. Vervelend, maar het goede nieuws is dat je kleine er weer overheen zal groeien – ooit…

Wat is de peuterpuberteit?

De ontwikkeling van je kindje gaat de eerste jaren van z’n jonge leven razendsnel. Wanneer hij of zij 1,5 tot 2 jaar oud is, komt langzaam het besef van het woordje ‘ik’. Hij komt erachter dat hij zelfstandig kan nadenken, zelf iets wel of niet kan willen, of zelf kan beslissen welke kant hij oploopt. Als je kindje al een beetje kan praten, kun je dit zelfs merken in het taalgebruik. Waar je kind eerst nog over zichzelf praat als ‘Sterre gaat nu buiten spelen’, wordt dat op een gegeven moment ‘Ik ga nu buiten spelen’. Kortom; het zelfbewustzijn groeit. En dat betekent dus ook dat hij of zij doorkrijgt dat het helemaal niet nodig is om altijd te doen wat mama of papa zegt. Mama kan wel wat bedenken, maar je kind kan dat zelf ook!

Kenmerken peuterpuberteit

Groei komt met groeipijn, ook als het gaat om mentale ontwikkeling. Aan de ene kant is het natuurlijk heel fijn dat je kindje zich gaat realiseren dat het een zelfstandig persoon is met een eigen wil. Aan de andere kant kan dat best wat problemen opleveren. De peuterpuberteit kenmerkt zich door:

  • Eigenwijs zijn. Mama kan ergens wat van vinden, maar je peuter weet het beter!
  • Het hebben van driftbuien wanneer het niet gaat zoals je kind dat wil;
  • Het alom bekende ‘Nee, nee, nee!’ Soms lijkt je peuter echt nooit meer ergens ja op te kunnen zeggen.

Het kan best lastig zijn om met het nieuwe karakter van je kind om te gaan. Zeker wanneer je moe bent na een hele dag werken en je voor het eten nog snel even met je kind de supermarkt binnen rent. Het is niet prettig om dan de strijd aan te moeten gaan over het feit dat je echt niet van plan bent snoep te kopen voor het avondeten.

Tekst gaat verder onder de afbeelding.

jongetje zit op de stoep

Omgaan met je dwarse peuter

De peuterpuberteit kan je peuter erg dwars maken. Op alles wat je zegt krijg je ‘nee’ als antwoord en soms lijkt het wel of je peuter niets meer wil. Dat dwarse gedrag komt echter vaak voort uit frustratie. Je kindje wil zo graag groot en zelfstandig zijn, maar dat is nog best lastig! Zo kan je als tweejarige besluiten dat je al kunt fietsen, maar als de fiets niet meewerkt en je omvalt is dat heel frustrerend. En het kan best zo zijn dat je een vuurtje wilt stoken in de achtertuin, maar de kans dat mama of papa dat goed vindt is erg klein. Om het dwarse gedrag dat voortkomt uit frustratie te verminderen, is het belangrijk om je kindje binnen vaste grenzen zo veel mogelijk ruimte te geven. Je kan hem waarschuwen dat hij nog te klein is om te kunnen fietsen. Je kunt er ook voor kiezen om hem het gewoon te laten uitproberen. Dan geef jij hem de ruimte waar hij stiekem om vraagt en kan je peuter zelf ervaren of het lukt of niet. De frustratie wanneer het niet lukt kan groot zijn, maar je kan je kind er dan wel op wijzen dat het al heel knap is dat hij het heeft geprobeerd. Zo kun je het op een wat positievere manier benaderen, zonder dat je steeds de strijd aan moet gaan. En wanneer het hem uiteindelijk dan toch blijkt te lukken, dan is dat voor je kind natuurlijk een geweldige boost voor het zelfvertrouwen!

Driftbuien horen erbij

Natuurlijk wil je het liefst dat jouw peuter altijd lekker in z’n vel zit en goedgehumeurd is. In de praktijk kan dat gewoon niet. Je kindje wordt groot, en groot worden gaat met vallen en opstaan. Vallen zorgt nu eenmaal voor frustratie, dus maak je geen illusies: je zal de welbekende driftbuien die bij de peuterpuberteit horen niet allemaal kunnen voorkomen. Geef je kind de ruimte om frustraties te uiten. Geef ook de ruimte om te oefenen en af en toe een succes te behalen, want daar zullen de frustraties door afnemen. Sta je aan het eind van de middag moe in de supermarkt en ligt je kind schreeuwend van woede op de grond? Doe dan twee dingen:

  1. Wees consequent. Geef niet toe, alleen maar om van de driftbui af te zijn. Dit zal er namelijk voor zorgen dat je kind de volgende keer dezelfde truc toepast;
  2. Bedenk dat deze driftbuien erbij horen. Iedere ouder zal ze herkennen. Geneer je dus niet en laat je niet afleiden door de gedachte aan hoe anderen je nu uit zullen lachen. Focus je op je kind. Blijf geduldig, maar duidelijk.

Grenzen stellen blijft nodig

Het beste antwoord op de grillen van de peuterpuberteit? Geduld! Zorg dat voor je kindje de grenzen helder zijn. Maar geef hem of haar tussen die grenzen de ruimte om zelf dingen te ontdekken en leren. Geef hem het gevoel dat hij ertoe doet en dat hij op eigen wijze een bijdrage kan leveren. Wil je kindje je helpen met koken? Zoek dan de klusjes voor hem op met weinig risico, zoals groente wassen of tafel dekken. Als je zelf moe bent kan het best lastig zijn om geduld op te brengen. Maak het jezelf dan niet te moeilijk. Natuurlijk kun je aan het eind van de werkdag met vliegende haast een supermarkt binnenrennen. Maar als je weet dat jij en je kind allebei moe zijn en de kans op een driftbui of ruzie dus groot is, kun je het misschien beter anders aanpakken. Dat is voor zowel jezelf als voor je kind prettiger! Ben je echt even ten einde raad? Bedenk dan dat bij de meeste kinderen de peuterpuberteit voorbij is als ze een jaar of vier zijn 😉

Laatste reactie
0 reacties totaal
Nog geen reacties
Praat mee op het forum
Reageer op artikel:
De peuterpuberteit [Nee, nee, nee!]
Sluiten